
Een goed geisoleerd dak houdt de warmte binnen in de winter en de hitte buiten in de zomer.
Via een slecht geisoleerd dak verlies je een groot deel van de warmte, want warme lucht stijgt en zoekt de bovenkant van je woning op. Dakisolatie is daarom vaak de eerste ingreep die echt merkbaar is: koudere zolders worden bruikbaar en je verwarming hoeft minder hard te werken.
Hoe je je dak isoleert, hangt af van het type dak en van wat je met de ruimte eronder wil. Op deze pagina zetten we de keuzes op een rij: plat of hellend dak, langs binnen of langs buiten, en waarom een correct dampscherm en luchtdichting het verschil maken tussen isolatie die werkt en isolatie die vocht opsluit.
De aanpak begint bij het daktype. Een plat dak isoleer je meestal aan de buitenkant, bovenop de draagvloer, met drukvaste platen onder een nieuwe dakdichting. Bij een hellend dak plaats je de isolatie tussen en onder de kepers, of bij een dakvernieuwing net onder de dakpannen langs buiten.
Beide daktypes hebben hun eigen aandachtspunten. Bij een plat dak is de opbouw van de lagen belangrijk, zodat er geen vocht in het dakpakket blijft zitten. Bij een hellend dak draait het vooral om een aaneengesloten isolatielaag zonder koudebruggen tussen de balken.
Isoleren langs binnen gebeurt vanuit de zolder of onder het dak, tegen de kepers of tegen de dakvloer aan. Dat is de meest gekozen weg als het dak zelf in goede staat is en je de dakbedekking niet wil aanraken.
Isoleren langs buiten is logisch wanneer het dak toch vernieuwd wordt. Bij een hellend dak spreekt men dan over de sarking-methode: een doorlopende isolatielaag bovenop de kepers, waardoor de dakstructuur binnen zichtbaar mag blijven en er nauwelijks koudebruggen zijn. Welke weg voor jou het meeste oplevert, bekijken we bij een plaatsbezoek.
Warme binnenlucht bevat vocht. Als die lucht door de isolatie naar de koude buitenkant trekt, kan het vocht condenseren in het dakpakket. Dat is precies wat je wil vermijden: nat isolatiemateriaal isoleert slechter en op termijn tast vocht de houten structuur aan.
Daarom hoort aan de warme (binnen)zijde een dampscherm dat de vochtige lucht tegenhoudt, en moeten de naden luchtdicht worden afgewerkt. Een dampscherm dat niet goed aansluit rond leidingen, balken en aansluitingen is een van de meest voorkomende oorzaken van vochtproblemen na dakisolatie. Correct plaatsen is hier belangrijker dan de dikte van de isolatie.
Hoe hoger de Rd-waarde, hoe beter je dak isoleert. De vereiste dikte hangt af van het gekozen materiaal en van de premievoorwaarden.
Onderbrekingen tussen balken of platen vormen koudebruggen waar warmte en vocht ontsnappen. Een tweede laag onder de kepers dicht die naden.
Het dampscherm houdt vochtige binnenlucht uit het dakpakket. De naden en aansluitingen moeten luchtdicht zijn.
Bij een hellend dak blijft een luchtspouw onder de dakpannen nodig zodat eventueel vocht kan wegdrogen.
We bekijken het daktype, de staat van de constructie en de bestaande isolatie, en meten de oppervlakte op.
Je krijgt een voorstel met de juiste methode, het materiaal en de opbouw van de lagen, afgestemd op je woning.
We plaatsen de isolatie, werken het dampscherm luchtdicht af en zorgen dat de details rond balken en aansluitingen kloppen.
Vraag een vrijblijvende offerte of een gratis plaatsbezoek. We bekijken je dak ter plaatse en stellen de aanpak voor die bij je woning past.